14/01/2020
De 10 geboden van de skiër/ snowboarder:
Regel 1 - respect voor anderen:
Een skiër of snowboarder moet zich zo gedragen dat hij anderen niet in gevaar brengt of schade berokkent.
Regel 2 - controle over snelheid en skiën of snowboarden:
Een skiër of snowboarder moet gecontroleerd bewegen. Hij moet zijn snelheid en manier van skiën of snowboarden aanpassen aan zijn capaciteiten, de staat van de piste, de sneeuw, de weersomstandigheden en de drukte op de piste.
Regel 3 - spoorkeuze:
De van achter komende skiër moet bij de keuze van zijn spoor rekening houden met de skiërs en snowboarders die zich onder hem bevinden.
Regel 4 - inhalen:
Inhalen is toegestaan zowel langs boven, onder, links en rechts op voorwaarde dat de skiër of snowboarder voldoende ruimte laat voor anderen om gewilde of ongewilde manoeuvres te maken.
Regel 5 - de piste opkomen, stoppen en naar boven begeven:
Een skiër of snowboarder moet hierbij steeds naar boven en beneden kijken op de piste zodat hij deze bewegingen kan uitvoeren zonder zichzelf of anderen in gevaar te brengen.
Regel 6 - stoppen op de piste:
Een skiër of snowboarder mag niet stoppen op een piste met slechts een smalle doorgang of slechte zichtbaarheid, tenzij dit absoluut noodzakelijk is. Bij een val moet men de piste zo snel mogelijk vrijmaken.
Regel 7 - te voet klimmen en dalen:
Een skiër of snowboarder die te voet op de piste klimt of afdaalt, moet aan de zijkant van de piste blijven.
Regel 8 - naleven van alle markeringen, borden en aanwijzingen.
Regel 9 - het verlenen van hulp:
Een skiër of snowboarder is verplicht hulp te verlenen bij een ongeval.
Regel 10 - identificatie:
Bij een ongeval moet elke skiër, snowboarder of getuige zijn contactgegevens bezorgen ongeacht of hij verantwoordelijk is voor het ongeval of niet.
(vrije vertaling “10 FIS rules for conduct FIS environmental rules”)